ECLI:NL:RBDOR:2012:BY1823
Rechtbank Dordrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij buiten behandeling stellen aanvraag bijstand wegens niet ontvangen uitnodiging
Verzoekster diende een aanvraag om bijstand in die door verweerder buiten behandeling werd gesteld wegens het niet inleveren van bewijsstukken en het niet verschijnen bij een gesprek na uitnodiging.
Verweerder stelde dat de uitnodiging voor het gesprek per fietskoerier op het bij hem bekende adres van verzoekster was bezorgd. Verzoekster betwistte de ontvangst en stelde dat bezorging per fietskoerier onbetrouwbaar is en verweerder onvoldoende bewijs van bezorging had geleverd.
De voorzieningenrechter overwoog dat bij niet-aangetekende verzending het bestuursorgaan aannemelijk moet maken dat het stuk is ontvangen. Verzending per reguliere post schept een vermoeden van ontvangst, maar bezorging via fietskoerier vereist specifiek bewijs van daadwerkelijke bezorging.
Verweerder kon dit bewijs niet leveren omdat de lijst met bezorgingen niet verifieerbaar was en onduidelijk van welke koeriersdienst deze afkomstig was. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat de uitnodiging daadwerkelijk op het adres van verzoekster was bezorgd.
De rechtbank oordeelde dat verzoekster terecht stelde de uitnodiging niet te hebben ontvangen en dat het besluit om haar aanvraag buiten behandeling te stellen daarom niet stand kon houden. De voorlopige voorziening werd toegewezen, waarbij verweerder voorschotten moest verstrekken en griffierecht en proceskosten moest vergoeden.
Uitkomst: De rechtbank wijst de voorlopige voorziening toe en bepaalt dat verweerder voorschotten verstrekt en kosten vergoedt omdat de uitnodiging niet aannemelijk is bezorgd.