AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Vrijspraak mensenhandel, bewezen poging tot mensenhandel minderjarige met uitbuitingsoogmerk
De rechtbank Gelderland behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van mensenhandel met een minderjarig slachtoffer. De rechtbank sprak verdachte vrij van het primair ten laste gelegde feit van voltooide mensenhandel, omdat het slachtoffer niet daadwerkelijk werd overgenomen. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte zich schuldig maakte aan poging tot mensenhandel, omdat er afspraken waren gemaakt en een begin van uitvoering had plaatsgevonden.
Het bewijs bestond uit verklaringen van medeverdachten, tapgesprekken en andere dossierstukken waaruit bleek dat verdachte het slachtoffer aangeboden kreeg, afspraken maakte over de koopprijs en een ontmoeting had op een afgesproken plaats. De rechtbank concludeerde dat verdachte het oogmerk had het slachtoffer uit te buiten, wat blijkt uit gesprekken over het terugvorderen van geld.
De verdediging voerde vrijwillige terugtred aan, stellende dat verdachte op eigen initiatief de overname niet doorzette. De rechtbank verwierp dit verweer omdat de afzegging voortkwam uit een onverwachte ontmoeting met een onbekende derde, een externe oorzaak die vrijwillige terugtred uitsluit.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot zes maanden gevangenisstraf, gelijk aan de tijd in voorarrest, rekening houdend met de ernst van het feit, het minderjarig slachtoffer en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De straf is lager dan de eis van tien maanden omdat het bewezen feit een poging betrof.
De uitspraak is gebaseerd op artikelen 10, 27, 45 en 273f van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf voor poging tot mensenhandel van een minderjarig slachtoffer.
Voetnoten
1.Het bewijs is terug te vinden in het in de wettelijke vorm door [verbalisant(en)] van de politie, Eenheid Oost-Nederland, Dienst Regionale Recherche, Unit Opsporing, Team ZwaCri/team Mensenhandel, opgemaakte proces-verbaal, dossiernummer 20130111.0829, gesloten op 28 februari 2013 en in de bijbehorende in wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal en overige schriftelijke bescheiden, tenzij anders vermeld. De vindplaatsvermeldingen ‘spd’ verwijzen naar de pagina’s van het doorgenummerde dossier tegen verdachte. De vindplaatsvermeldingen ‘pd’ verwijzen naar het bijgevoegde procesdossier ‘[slachtoffer]’.
2.Proces-verbaal van bevindingen, pd. 386.
3.Proces-verbaal onderzoek gegevens Blackberry, pd. 417 en proces-verbaal van verhoor [medeverdachte1], pd 955.
4.Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte1], pd. 955.
5.Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte1], pd. 944.
6.Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte1], pd. 957.
7.Proces-verbaal van bevindingen, pd. 638-641.
8.Proces-verbaal van bevindingen, pd. 380-381.
9.Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte1], pd. 956.
10.Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte1], pd. 958.
11.Proces-verbaal van verhoor [medeverdachte4], pd. 1130.
12.Een schriftelijk bescheid in de vorm van een uitgewerkt tapgesprek, p. 56.
13.Een schriftelijk bescheid in de vorm van een uitgewerkt tapgesprek, p. 57-58.
14.Een schriftelijk bescheid in de vorm van een uitgewerkt tapgesprek, p. 58.
15.Een schriftelijk bescheid in de vorm van een uitgewerkt tapgesprek, p. 58-59.
16.Een schriftelijk bescheid in de vorm van een uitgewerkt tapgesprek, p. 59-61.
17.Een schriftelijk bescheid in de vorm van een uitgewerkt tapgesprek, p. 69.
18.Een schriftelijk bescheid in de vorm van een uitgewerkt tapgesprek, p. 71, stam-procesverbaal p. 9.
19.Een schriftelijk bescheid in de vorm van een uitgewerkt tapgesprek, p. 71-72.
20.De verklaring van verdachte, zoals afgelegd ter terechtzitting d.d. 12 juni 2013.