ECLI:NL:RBGEL:2013:BZ7332
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.C.P. Goossens
- H.P.M. Kester-Bik
- N.K. van den Dungen-Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen lijk wegvoeren ter verheling moord
De rechtbank Gelderland heeft verdachte vrijgesproken van het medeplegen van de moord op het slachtoffer, omdat onvoldoende bewijs was voor betrokkenheid bij de moord zelf. Wel is bewezen verklaard dat verdachte samen met een medeverdachte het stoffelijk overschot van het slachtoffer heeft weggebracht en gedumpt met het oogmerk de moord te verhelen.
Verdachte had meerdere telefonische contacten met de medeverdachte kort voor en na de moord en het dumpen van het lichaam. Diverse DNA-contactsporen van verdachte zijn op het lichaam en de kleding van het slachtoffer aangetroffen op plaatsen die kenmerkend zijn voor het vasthouden en verslepen van een lichaam. Verdachte was bekend op de locatie waar de hennepkwekerij was gevestigd, die hij samen met een getuige bewaakte op verzoek van de medeverdachte.
De rechtbank oordeelde dat verdachte gerechtvaardigd vertrouwen had dat hij niet vervolgd zou worden voor de hennepkwekerij, waardoor het openbaar ministerie niet-ontvankelijk werd verklaard voor dat feit. De straf van 207 dagen gevangenisstraf is gelijkgesteld aan de tijd die verdachte reeds in voorlopige hechtenis had doorgebracht. De civiele vordering van de benadeelde partij werd afgewezen wegens onvoldoende causaal verband met het bewezenverklaarde feit.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 207 dagen gevangenisstraf voor medeplegen van het wegvoeren van het lijk met het oogmerk de moord te verhelen.