ECLI:NL:RBGEL:2014:6138
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Oplegging boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen aan Bulgaarse werknemers
Eiser kreeg een boete opgelegd van €33.500 wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), omdat hij Bulgaarse werknemers zonder tewerkstellingsvergunning arbeid liet verrichten en niet voldeed aan de identificatieplicht. De rechtbank oordeelde dat de tijdelijke beperkingen op het vrij verkeer van werknemers voor Bulgaren rechtmatig waren en dat de Wav van toepassing bleef.
Eiser voerde aan dat het recht op vrij verkeer van werknemers en het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie hem vrijstelden van de vergunningplicht, en dat een werknemer duurzaam verblijfsrecht had. Deze bezwaren werden verworpen omdat Nederland gebruik maakte van overgangsmaatregelen en het duurzaam verblijfsrecht nog niet bestond ten tijde van de overtreding.
De bewijslast lag bij verweerder, en de rechtbank vond dat voldoende bewijs bestond dat de vreemdelingen de werkzaamheden hadden verricht zonder vergunning en zonder dat de identiteit correct was overlegd. De boete werd niet gematigd ondanks het lage inkomen van eiser, vanwege de ernst van de overtredingen en de duur van de schijnconstructies.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek tot matiging van de boete af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de boete van €33.500 wegens overtreding van de Wav.