ECLI:NL:RBGEL:2015:3304
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Handhaving zonder vergunning ketelhuis op perceel in strijd met bestemmingsplan
De rechtbank Gelderland behandelde het beroep tegen het handhavingsbesluit waarbij eiser werd gelast het zonder vergunning opgerichte ketelhuis te verwijderen. Het ketelhuis was in strijd met het bestemmingsplan en de aanvraag voor een vergunning was afgewezen. De rechtbank oordeelde dat verweerder bevoegd was tot handhaving en dat ten tijde van het bestreden besluit geen concreet zicht op legalisatie bestond.
Eiser voerde aan dat handhaving onevenredig was vanwege een milieuvergunning, de financiële gevolgen en het beperkte belang van derde-partijen. De rechtbank verwierp deze argumenten en stelde dat de begunstigingstermijn niet onredelijk kort was en dat de opgelegde dwangsom in redelijke verhouding stond tot het geschonden belang.
Gelet op het algemeen belang bij handhaving en het ontbreken van bijzondere omstandigheden die handhaving zouden moeten verhinderen, verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer en partijen kunnen hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het handhavingsbesluit is ongegrond verklaard en de last tot verwijdering van het ketelhuis blijft gehandhaafd.