Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.[gedaagde]
[gedaagde 1]
1.De procedure
2.De feiten
toevoeging rechtbank) zit thans nog een roldeur; deze wordt gezamenlijk dichtgemaakt. Dit gebeurt in onderling overleg en moet vóór 1 juli 2004 gerealiseerd zijn.
Rechtbank Gelderland
De zaak betreft een geschil tussen [eiser], eigenaar van een perceel met bedrijfspand, en [gedaagden], eigenaar van het aangrenzende perceel waar een roldeur zich bevindt die volgens [eiser] in strijd is met het burenrecht (artikelen 5:50 en 5:51 BW). De roldeur was geplaatst toen [eiser] nog eigenaar was van beide percelen en is niet verwijderd na verkoop.
[eiser] vordert dat [gedaagden] de roldeur dichtmaken en vaststaand houden, met een dwangsom bij niet-naleving. [gedaagden] voeren verweer met onder meer toestemming, verkrijgende verjaring, rechtsverwerking, misbruik van bevoegdheid en ongerechtvaardigde verrijking.
De rechtbank oordeelt dat er geen toestemming was omdat [eiser] destijds eigenaar was van beide percelen en dat het beroep op verkrijgende verjaring faalt wegens gebrek aan goede trouw. Rechtsverwerking wordt verworpen omdat geen verbintenisrechtelijke verhouding bestond en geen gerechtvaardigd vertrouwen op afstand van rechten is aangetoond. Misbruik van bevoegdheid en ongerechtvaardigde verrijking bieden geen grond om de vordering af te wijzen.
De roldeur moet volgens de rechtbank vaststaand en ondoorzichtig worden gemaakt, waarbij de wijze van uitvoering nader verkend zal worden. De zaak wordt aangehouden voor nadere uitlatingen van partijen over de uitvoering.
Uitkomst: De rechtbank beveelt dat de roldeur vaststaand en ondoorzichtig wordt gemaakt en houdt de zaak aan voor nadere uitlatingen over de uitvoering.