Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
nummer 110229, waarop vermeld stond dat er op 3 maart 2011 aan [medeverdachte] 37.625 jonge hennen zijn geleverd en waarop vermeld stond “extra kosten in opfokperiode” tot een bedrag van € 9.006,75 [4] , dit terwijl in werkelijkheid 39.938 jonge hennen waren geleverd [5] ;
nummer 901043, waarop vermeld stond dat er op 24 november 2009 aan [medeverdachte] 37.700 jonge hennen zijn geleverd en waarop vermeld stond “extra kosten in opfokperiode” tot een bedrag van € 8.185,50 [6] , dit terwijl in werkelijkheid 40.024 jonge hennen waren geleverd [7] ;
nummer 900782, waarop vermeld stond dat er op 4 september 2009 aan [medeverdachte] 19.550 (10.850 + 8700) jonge hennen zijn geleverd en waarop vermeld stond “extra kosten in opfokperiode” tot een bedrag van € 16.948,50 [8] , dit terwijl in werkelijkheid 24.100 (13.700 + 10.400) jonge hennen waren geleverd. [9]
inrichtingvan de hokken van de leghenhouders op de vereisten van de verordening (EG) 589/2008 en, indien de inrichting aan de vereisten voldeed, gaf het CPE (inrichtings-) certificaten af. Bij de controle van de inrichting werd bepaald wat daarin het maximaal aantal te houden leghennen mocht zijn, passend bij de gewenste classificatie. Daarnaast vond een controle plaats bij het
opzettenvan een nieuwe koppel leghennen. Indien deze koppel voldeed aan de regelgeving gaf het CPE eveneens voor die koppel een
(opzet-)certificaat af.
wettelijkeverplichting voor de leghenhouders aanpassingen aan de inrichting van het bedrijf aan het CPE door te geven.
3.Bewezenverklaring
op of omstreeks 22 mei 2012, althans in ofomstreeks de maand maart 2011, in de gemeente Ooststellingwerf,
althans in Nederlanden
/of
op of omstreeks 22 mei 2012, althans in ofomstreeks de maand januari 2010, in de gemeente Ooststellingwerf,
althans in Nederland,
of een ander, althans alleen,opzettelijk heeft afgeleverd en
/ofvoorhanden gehad
of vervalstefactuur met het nummer 110229 (bladzijde 2501) van het proces-verbaal) en
/of
of vervalstefactuur met het nummer 110006 (bladzijde 2489 van het proces-verbaal)
of redelijkerwijs moest vermoedendat dit geschrift bestemd was voor gebruik als ware het (telkens) echt en onvervalst, immers was valselijk en
/ofin strijd met de waarheid
39.875, althans(veel) meer dan 37.625 jonge hennen waren geleverd, en
/ofin die factuur met het nummer 110229 vermeld "1 Extra kosten in opfokperiode 9.006,750" en
/of
34.000, althans(veel) meer dan 32.550 jonge hennen waren geleverd, en
/ofin die factuur met het nummer 110006 vermeld "1 Extra kosten in opfokperiode 5.787,200";
althans in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, al dan nietopzettelijk, op het bedrijf gelegen aan de [adres 1] te Haule en
/ofde [adres 2] te Oosterwolde, gemiddeld in het kalenderjaar 2010, een groter aantal kippen heeft gehouden, te weten (ongeveer) 56.300 kippen (zijnde (ongeveer) 56.300 pluimvee-eenheden), dan het op het bedrijf rustende pluimveerecht, te
althans in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, al dan nietopzettelijk, op het bedrijf gelegen aan de [adres 1] te Haule en/of de [adres 2] te Oosterwolde, gemiddeld in het kalenderjaar 2011, een groter aantal kippen heeft gehouden, te weten (ongeveer) 67.590 kippen (zijnde (ongeveer) 67.590 pluimvee-eenheden), dan het op het bedrijf rustende pluimveerecht, te
4.De kwalificatie van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
[verdachte] heeft zich meermalen schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van een vals geschrift en het overtreden van de Meststoffenwet. Het bedrijf heeft, samen met zijn medeverdachten, een frauduleuze constructie in stand gehouden. Doordat op de facturen van [naam] N.V. niet het daadwerkelijke aantal geleverde leghennen werd vermeld, kon [verdachte] op relatief eenvoudige wijze meer hennen houden dan op grond van wet- en regelgeving was toegestaan, met meerdere mogelijke gevolgen van dien. Dit handelen vertroebelt de markt en kan controlerende instanties misleiden. Daarnaast kan het afbreuk doen aan het consumentenvertrouwen. Ook heeft het bedrijf met zijn handelen afbreuk gedaan aan het stelstel van de Meststoffenwet, dat onder meer het terugdringen van het mestoverschot en de bescherming van de bodem tot doel heeft.
8.De toegepaste wettelijke bepalingen
- 23, 24, 24c, 51, 57, 91 en 225 van het Wetboek van Strafrecht;
- 1a, 2, en 6 van de Wet op de economische delicten, en
- 20 van de Meststoffenwet.
9.De beslissing
een
geldboetevan
€ 31.000,00 (eenendertigduizend euro).