ECLI:NL:RBGEL:2016:1440
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig besluit en onrechtmatige weigering naam ambtenaar Wob-verzoek
Eiser verzocht op 22 december 2014 op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om afschriften van besluiten betreffende schadevergoeding. Verweerder nam niet tijdig een besluit, waarop eiser een ingebrekestelling stuurde op 20 januari 2015. Verweerder besloot uiteindelijk op 16 juni 2015, maar verstrekte het document geanonimiseerd en weigerde de naam van de ondertekenende ambtenaar te verstrekken.
De rechtbank oordeelde dat de ingebrekestelling geldig was en dat verweerder vanaf 4 februari 2015 een dwangsom verschuldigd was over 42 dagen. Het beroep tegen het niet tijdig nemen van het besluit werd gegrond verklaard en de dwangsom vastgesteld op €1.260, vermeerderd met wettelijke rente.
Daarnaast was het onrechtmatig dat verweerder de naam van de ambtenaar weigerde te verstrekken, omdat burgers moeten kunnen controleren of de ondertekenaar bevoegd was. Het besluit van 16 juni 2015 werd vernietigd en verweerder werd bevolen alsnog de naam te verstrekken.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van het door eiser betaalde griffierecht van €167 en proceskosten van €1.116. De uitspraak trad in de plaats van het vernietigde besluit en er kon binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, dwangsom vastgesteld, besluit vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot verstrekking van de naam van de ambtenaar en vergoeding van griffierecht en proceskosten.