ECLI:NL:RBGEL:2016:3350
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verwijdering dossiers uit archief op grond van Archiefwet en Wbp
Verzoekster heeft de rechtbank Limburg en het gerechtshof ’s-Hertogenbosch verzocht om alle dossiers met betrekking tot haar en haar gezin uit het archief te verwijderen, stellende dat deze een negatief beeld schetsen en niet langer bewaard zouden moeten blijven in het belang van haar dochter.
Het gerechtsbestuur verweerde zich met het argument dat de dossiers archiefbescheiden zijn waarop de Archiefwet 1995 van toepassing is, die een bewaarplicht voorschrijft. Daarnaast werd gewezen op artikel 8e van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp), dat het verwerken van persoonsgegevens voor rechtspraak noodzakelijk maakt.
De rechtbank overwoog dat de dossiers niet vrij raadpleegbaar zijn, slechts toegankelijk voor bevoegde professionals met geheimhoudingsplicht, en dat de privacy voldoende gewaarborgd is. Tevens oordeelde de rechtbank dat artikel 36 Wbp Pro niet ziet op het verwijderen van persoonsgegevens die bestaan uit indrukken, meningen en conclusies.
Gelet op deze overwegingen wees de rechtbank het verzoek af in beide zaken en bevestigde daarmee de bewaarplicht en bescherming van persoonsgegevens binnen de archieven van de gerechten.
Uitkomst: Het verzoek tot verwijdering van dossiers uit het archief wordt afgewezen vanwege bewaarplicht en voldoende privacybescherming.