Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van [eiseres]
- de pleitnota van [gedaagden] .
2.De feiten
[naam 1]en sinds begin 2014 onder de naam
[naam 2]. Onder die laatste naam is [eiseres] een franchiseformule en een webwinkel gaan exploiteren en heeft zij een groot aantal
[naam 1]winkels omgezet in
[naam 2]winkels.
[naam 2]door [gedaagde 2] gebruikt voor een winkelformule. [gedaagde 2] verkoopt in Nederland via 81 [gedaagde 2] -winkels producten aan particulieren. Het beeldmerk
[naam 2]en de aanduiding
[naam 2]worden door [gedaagde 2] sinds de jaren ’90 gebruikt voor winkels (waaronder een webwinkel) onder deze naam en als huismerk van [gedaagde 2] .
[naam 2]geregistreerd op 16 april 1998 en daarvan ambtshalve de doorhaling te bevelen, voor zover mogelijk per 12 maart 2014, de dag van het uitbrengen van de dagvaarding, dan wel per datum vonnis;
[naam 2]
[naam 2]ter onderscheiding van de onderneming van [gedaagden]
[naam 2]ter onderscheiding van waren en
[naam 2]- logo d.d. 15 november2012;
[naam 2]- logo d.d. 11 februari 2014;
[naam 2]d.d. 11 februari 2014;
[naam 2];
[naam 2]- logo;
[naam 2]- logo;
[naam 2]ter onderscheiding van de
[naam 2]ter
4.De beslissing
3.Het geschil
[naam 2]zich niet uitstrekt tot het gebruik van het merk en de handelsnaam
[naam 2]door andere (rechts)personen dan [eiseres] , waaronder in ieder geval begrepen de franchisenemers van [eiseres] ,
4.De beoordeling
816,00