Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van 25 oktober 2017
[X] N.V., laatstelijk gevestigd te [Z] , Curaçao, eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Utrecht, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
- het verslag van de aandeelhoudersvergadering waarin is beslist om eiseres te liquideren;
- de slotbalans en een overzicht van de liquidatie-uitkeringen gedaan door eiseres, alsmede de betalingsbewijzen van de liquidatie-uitkeringen;
- de rekening en verantwoording van de vereffening en het plan van uitkering.
- Is eiseres opgehouden te bestaan, en zo ja welke gevolgen heeft dit voor de ontvankelijkheid van het bezwaar en het beroep?
- Indien eiseres is opgehouden te bestaan: zijn de informatiebeschikkingen op juiste wijze en aan de juiste (rechts)persoon opgelegd?
- Is de beslistermijn overschreden?
namensiemand bezwaar wordt gemaakt, gaat het om de situatie waarin iemand als gemachtigde - en naar mag worden aangenomen met instemming en medeweten van de vertegenwoordigde - bezwaar maakt. De term “op naam van” is een neutralere, louter beschrijvende term. Een ontbonden rechtspersoon bestaat niet, kan niet kennisnemen van een belastingaanslag, kan niet weten van het bestaan van een bezwaarprocedure en kan niemand machtigen. Iemand kan dan ook niet
namensdie rechtspersoon handelingen verrichten. De rechtbank ziet hierin echter geen aanleiding te oordelen dat het bezwaar op onjuiste wijze is ingediend en leest dat bedoeld is op naam van eiseres bezwaar te maken. Degene die de opdracht aan de gemachtigde feitelijk heeft gegeven is blijkens de in bezwaar overgelegde machtiging [F] , de vereffenaar. Dat deze machtiging pas achteraf is opgemaakt geeft geen aanleiding te twijfelen aan de juistheid van de inhoud daarvan. Van advocaten wordt in de regel geen volmacht verlangd. Dit kan verklaren dat er niet op voorhand een machtiging is opgesteld, maar doet geen afbreuk aan de juistheid van de inhoud ervan. Aangezien [F] opdracht aan de gemachtigde heeft gegeven, is het bezwaar ingediend namens de vereffenaar. Nu het op naam van eiseres is ingediend, is voldaan aan de omschrijving in het arrest van de Hoge Raad van 19 september 2003.
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- draagt verweerder op om uiterlijk vier weken na de verzenddatum van deze uitspraak beslissingen op de bezwaarschriften te nemen en toe te zenden aan de gemachtigde;
- bepaalt dat verweerder vanaf het moment dat vier weken zijn verstreken na de datum van verzending van deze uitspraak een dwangsom verbeurt voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt;
- bepaalt de hoogte van de dwangsom op € 500 per dag met een maximum van € 50.000;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres ten bedrage van € 371,25;
- bepaalt dat verweerder het betaalde griffierecht van € 333 aan eiseres dient te vergoeden.
Rechtsmiddel
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;