Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van
[eiser],
[eiser],
[eiser],
[eiser],
[eiser],
[eiser],
[eiser],
[eiser],
[eiser],
[eiser]en
[eiser], allen wonende te [woonplaats], eisers (gemachtigde: mr. T.E.P.A. Lam),
Rechtbank Gelderland
Derde-partij exploiteert een horecagelegenheid waarvoor een omgevingsvergunning voor de plaatsing van een scherm is verleend op 20 april 2016. Eisers maken bezwaar tegen deze vergunning vanwege geluidhinder en betwisten de rechtmatigheid van de vergunning en de bevoegdheid van verweerder om deze te verlenen.
Verweerder heeft bij besluit van 7 april 2017 het bezwaar ongegrond verklaard. Vervolgens heeft verweerder op 31 augustus 2017 een bestreden besluit genomen waarin de oorspronkelijke vergunning van 20 april 2016 is ingetrokken en een nieuwe omgevingsvergunning is verleend. Eisers hebben hiertegen beroep ingesteld.
De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit geen nieuwe beslissing op bezwaar is, maar een primair besluit waartegen eerst bezwaar moet worden gemaakt. Omdat eisers geen instemming hebben gevraagd om rechtstreeks beroep te mogen instellen tegen dit primair besluit, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk.
De rechtbank zendt het beroep door aan verweerder ter behandeling als bezwaar en ziet geen aanleiding tot het veroordelen van verweerder in proceskosten. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat geen instemming is gevraagd voor rechtstreeks beroep tegen het primair besluit.