Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs
4.De beslissing
spreekt verdachte integraal vrijen
heft op het bevel tot voorlopige hechtenis.
benadeelde partij niet-ontvankelijkin zijn vordering.
Rechtbank Gelderland
Op 20 augustus 2017 werd verdachte beschuldigd van poging tot doodslag en zware mishandeling met een scherp voorwerp op twee slachtoffers te Tiel. De officier van justitie stelde dat verdachte samen met een mededader met scherpe voorwerpen de slachtoffers had aangevallen, waarbij ernstig letsel was toegebracht.
De verdediging voerde aan dat verdachte een ploertendoder hanteerde, een stomp wapen, en geen scherp voorwerp, waardoor hij het letsel niet kon hebben veroorzaakt. De rechtbank onderzocht de camerabeelden en concludeerde dat verdachte inderdaad een ploertendoder gebruikte, terwijl de medeverdachte een mes hanteerde. Het letsel bij de slachtoffers was niet te wijten aan de ploertendoder.
Omdat niet kon worden vastgesteld dat verdachte wist van het mes van zijn medeverdachte en medeplegen daarom niet bewezen kon worden, sprak de rechtbank verdachte integraal vrij. De civiele schadevordering van een van de slachtoffers werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de strafrechtelijke veroordeling ontbrak.
Uitkomst: Verdachte wordt integraal vrijgesproken wegens ontbreken bewijs dat hij een scherp voorwerp hanteerde bij poging tot doodslag en zware mishandeling.