ECLI:NL:RBGEL:2018:4130
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens vermeende diefstal medicatie niet gerechtvaardigd
De werknemer, werkzaam als verpleegkundige bij een woonzorgcentrum voor visueel gehandicapte ouderen, werd op staande voet ontslagen wegens vermeende diefstal van slaapmedicatie. Het ontslag volgde na een intern onderzoek met camerabeelden en bedrijfsrecherche. De werknemer ontkende diefstal en verklaarde medicatie alleen tijdelijk in bruine potjes te hebben gedaan voor efficiëntere verstrekking aan cliënten.
De kantonrechter beoordeelde dat de camerabeelden onvoldoende duidelijkheid boden over de vermeende diefstal en dat de tellingen van medicatie niet onafhankelijk waren geverifieerd. Ook kon niet worden uitgesloten dat de medicatie aan cliënten was verstrekt. Hierdoor ontbrak een dringende reden voor ontslag op staande voet.
De werknemer berustte in het ontslag, waardoor de kantonrechter niet oordeelde over de geldigheid ervan, maar wel vaststelde dat de werkgever een vergoeding wegens onregelmatige opzegging, een transitievergoeding en een billijke vergoeding moest betalen. De billijke vergoeding werd vastgesteld op €25.000 vanwege het ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever en de negatieve gevolgen voor de werknemer.
Daarnaast werd de werkgever veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten. Het verzoek om vernietiging van het ontslag werd ingetrokken door de werknemer.
Uitkomst: Ontslag op staande voet niet gerechtvaardigd; werkgever moet transitievergoeding, billijke vergoeding en vergoeding onregelmatige opzegging betalen.