Uitspraak
1.De inhoud van de tenlastelegging
2.Overwegingen ten aanzien van het bewijs
4.De beslissing
benadeelde partij [naam 3] niet-ontvankelijkin zijn vordering;
Rechtbank Gelderland
Een 50-jarige militair werd beschuldigd van het valselijk opmaken van VRA-formulieren met namen, rangen en handtekeningen van twee reservisten, teneinde hun ontslag te bespoedigen. De officier van justitie stelde dat verdachte deze formulieren had vervalst en gebruikt.
De verdediging voerde niet-ontvankelijkheid aan vanwege ontbrekende verhoren en stelde subsidiair vrijspraak voor, omdat verdachte niet zelf de handtekeningen had gezet en geen opzet had. De militaire kamer oordeelde dat de ontbrekende verhoren geen ernstige schending van procesorde vormden en verwierp het niet-ontvankelijkheidsverweer.
Hoewel de formulieren vervalst waren, was niet overtuigend vastgesteld dat verdachte dit zelf had gedaan met het oogmerk de ontslagen te bespoedigen. Verdachte ontkende stellig en het alternatieve scenario werd niet onderzocht. Het vonnis sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. De civiele vorderingen van de benadeelde partij werden niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van valsheid in geschrift en gebruik van vervalste ontslagformulieren wegens onvoldoende overtuigend bewijs.