Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 16 november 2018
[naam 1] , te [woonplaats] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
,de datum van de melding, tot en met 20 juli 2018, de datum van het afwijzingsbesluit.
Rechtbank Gelderland
Eiser heeft bij verweerder een aanvraag voor bijstand ingediend, die is afgewezen wegens twijfel over zijn feitelijke woonadres. Verweerder voerde aan dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij zijn hoofdverblijf had op het opgegeven adres, mede door tegenstrijdige verklaringen tussen eiser en de hoofdbewoner van het adres.
Tijdens het onderzoek voerde een sociaal rechercheur huisbezoeken uit waarbij eiser niet werd aangetroffen, terwijl de hoofdbewoner tegenstrijdige verklaringen gaf over de huurprijs, het verblijf en de aanwezigheid van eiser. Eiser kon tijdens de zittingen geen duidelijke en consistente informatie geven over zijn woonsituatie.
De rechtbank oordeelt dat eiser tekort is geschoten in zijn inlichtingenverplichting en daardoor het recht op bijstand niet kan worden vastgesteld. Het beroep tegen de afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de bijstandsaanvraag wegens onvoldoende duidelijkheid over de feitelijke woonsituatie.