Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de voorzieningenrechter van
[verzoekster], te [woonplaats], verzoekster
Rechtbank Gelderland
De burgemeester van West Betuwe heeft op 19 maart 2019 besloten om de discotheek van verzoekster te sluiten voor de duur van één jaar op grond van artikel 13b van de Opiumwet en de Drank- en Horecawetvergunning in te trekken. Verzoekster maakte bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het besluit gebaseerd is op een bestuurlijke rapportage van de politie waarin op twee avonden drugsgebruik en -handel in het pand is vastgesteld. Hoewel verzoekster onjuistheden in eerdere rapportages aanvoert, betwist zij de inhoud van de rapportage van 21 december 2019 niet concreet. De rechter acht de rapportage betrouwbaar en het beleid van de burgemeester niet onredelijk.
Verzoekster voerde aan dat zij samenwerkt met politie en instanties en dat sluiting een inbreuk op haar eigendomsrecht vormt, maar deze argumenten zijn onvoldoende om af te wijken van het beleid. Omdat de sluiting naar verwachting in bezwaar in stand zal blijven, bestaat geen belang meer bij de voorlopige voorziening tegen de intrekking van de vergunning.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek tot voorlopige voorziening af en ziet geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de discotheek en intrekking van de vergunning is afgewezen.