Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.De vordering
4.Het verweer
5.De beoordeling
922,00(2,0 punten × tarief € 461,00)
Rechtbank Gelderland
Eiseres vordert dat verweerster het retentierecht op haar appartement beëindigt en het appartement aflevert, stellende dat het retentierecht niet meer bestaat omdat zij aan haar betalingsverplichtingen heeft voldaan en het retentierecht misbruikt wordt. Verweerster voert aan dat zij een opeisbare vordering heeft op Innové Immo, de rechtsopvolger van Innové Vastgoed, en dat het retentierecht ook tegen eiseres als derde met een jonger recht kan worden uitgeoefend.
De rechtbank stelt vast dat het retentierecht van verweerster op het appartement terecht wordt uitgeoefend jegens Innové Immo, die de aannemingsovereenkomst heeft overgenomen. Omdat eiseres het appartement heeft verkregen nadat het retentierecht was ontstaan en verweerster feitelijke macht over het appartement uitoefent, moet eiseres het retentierecht tegen zich laten gelden.
Het betoog van eiseres dat het retentierecht is vervallen wegens schuldeisersverzuim, blijvende onmogelijkheid van nakoming of misbruik van recht wordt verworpen. Ook de hoogte van de vordering staat niet in onredelijke verhouding tot het retentierecht. De vorderingen van eiseres worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiseres af en bevestigt het retentierecht van verweerster op het appartement.