Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van
[eiser] , domicilie kiezend te [eiser] , eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Eindhoven, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
[plaats in Nederland] woonde bij [de vrouw] en hun minderjarige zoon. Nadat de auto in beslag was genomen door de ontvanger, is namelijk gebleken dat het adres in [plaats in Nederland] als thuisadres in het navigatiesysteem van de bestelauto was ingevoerd. Verder is de auto van eiser in de periode van 18 maart 2016 tot 11 juni 2017 23 keer waargenomen op dit adres. Uit onderzoek is voorts gebleken dat de auto van eiser in onderhoud was bij een garagebedrijf in [plaats in Nederland] en dat eiser zijn auto als vaste klant regelmatig liet wassen bij [bedrijf D] in [plaats in Nederland] . Eén factuur van Vakantiepark [naam vakantiepark] in België is gericht aan eiser met het adres in [plaats in Nederland] . Eiser woonde in ieder geval niet op het opgegeven referentieadres in België. Uit onderzoek blijkt namelijk dat op dit adres een schoolgebouw staat en geen woning. Desgevraagd hebben de Belgische autoriteiten bevestigd dat eiser niet woont op het adres waarop hij ingeschreven staat. Uit de aanslagen personenbelasting en omzetbelasting is niet af te leiden dat eiser een bedrijf heeft in België gelet op de lage omzet- en inkomensgegevens. De verklaringen van eiser zijn hoe dan ook niet geloofwaardig omdat eiser bij zijn vertrek op 3 maart 2015 uit Nederland een adres heeft opgegeven in Polen, terwijl dat niet juist blijkt te zijn.
[plaats in Nederland] was. Eisers verklaringen over zijn werkzaamheden en steeds wisselende woonplaats in België zijn consistent en bovendien onderbouwd met diverse stukken. Uit die stukken blijkt dat eisers zoon in 2015 naar een Belgische school ging, dat eiser zich in maart 2015 heeft ingeschreven bij een Belgische huisarts, dat eiser was aangemeld bij de Belgische ziekenkas en was verzekerd bij de [naam verzekeringsbedrijf] en dat eiser vanaf 2015 omzet en inkomen heeft opgegeven bij de Belgische belastingdienst. Uit de gegevensuitwisseling met de Belgische autoriteiten is ook niet af te leiden dat eiser niet in België woonde. Deze gegevens ondersteunen juist het standpunt van eiser dat hij een reizend bestaan leidde en zich daarom moest inschrijven in het bevolkingsregister op een referentie- oftewel postadres. De rechtbank kan verder op basis van twee foto’s van het display van het navigatiesysteem niet vaststellen dat eiser het adres in [plaats in Nederland] had ingevoerd als thuisadres. Het lag op de weg van verweerder om daarover meer gegevens uit of over het navigatiesysteem over te leggen, maar verweerder heeft dat nagelaten. Dat op een factuur van een Belgische camping “Vakantiepark [naam vakantiepark] ” het adres in [plaats in Nederland] is vermeld, maakt het oordeel niet anders aangezien deze factuur geen betrekking heeft op 2015. Bovendien heeft eiser een factuur in het geding gebracht, die ziet op de maand september 2015, waarop het referentieadres in België is vermeld. Dat eiser bij zijn vertrek uit Nederland bij de Basisadministratie Personen een adres in Polen heeft opgegeven maakt zijn verklaringen niet ongeloofwaardig. Daaruit kan namelijk niet meer worden afgeleid dan dat eiser toentertijd kennelijk plannen had om daarheen te verhuizen en dat deze plannen niet zijn doorgegaan.
Omdat de naheffingsaanslag zal worden vernietigd, is ook het beroep tegen de gehandhaafde boetebeschikking gegrond. De uitspraak op bezwaar, de naheffingsaanslag, de beschikking belastingrente en de boetebeschikking zullen worden vernietigd.
Beslissing
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;