Uitspraak
1.De procedure
2.De vordering en de beoordeling
Waar gaat de zaak om?
thoracaalniveau, maar enkel van myelopathie op
cervicaalniveau. Deze stelling van [eiser] is echter feitelijk onjuist. Zoals bij de mondelinge behandeling besproken, bevindt zich in het patiëntendossier (productie 1 verweerder) wél een radiologieverslag van 28 mei 2013 (stuk 0031 van het digitaal rechtbankdossier, pagina 6 van 79; pagina 96 van productie 1 van de kliniek). Dit betreft een verslag van een arts [naam 7] , van een MRI-onderzoek, uitgevoerd op 28 mei 2013 door radiologen van de kliniek, met dr. [naam 2] als aanvrager. Daarin staat vermeld:
een veelvoudvan 0,3 tot 0,6% was, stelt [eiser] dat enkel een percentage van 0,3 tot 0,6% is genoemd en dat daarbij is gezegd dat het om een ‘laag risico’-operatie gaat.
naast de wervelkolom is neergelegd om na de operatie fusie van de wervels te bevorderen. De rechtbank acht het voorshands geboden om, alvorens nader te beslissen over de in 2.27 genoemde bewijslevering de deskundige ook op dit onderdeel om een deskundigenoordeel vragen.
3.De beslissing
binnen vier wekenna de bekendmaking van deze beslissing in de gelegenheid een akte in te dienen waarin zij zich uitlaten over de aangekondigde deskundigenrapportage,