ECLI:NL:RBGEL:2020:439
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken geldige machtiging bij administratieve sanctie inhalen zonder richtingaanwijzer
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het niet geven van een teken met de richtingaanwijzer bij het inhalen. Tegen deze sanctie werd administratief beroep ingesteld door een gemachtigde namens betrokkene, een rechtspersoon. De officier van justitie verklaarde het administratief beroep niet-ontvankelijk omdat geen geldige machtiging was overgelegd.
De gemachtigde stelde vervolgens beroep in bij de kantonrechter. Bij het beroepschrift werd een machtiging gevoegd, maar deze voldeed niet aan de wettelijke eisen: de ondertekenaar was niet vermeld en er ontbrak een uittreksel uit het Handelsregister waaruit de bevoegdheid bleek. Ondanks gelegenheid tot herstel werd dit niet gecorrigeerd.
De kantonrechter oordeelde dat alleen degene tot wie de beschikking is gericht, hier de rechtspersoon betrokkene, gerechtigd is tot het instellen van beroep. Een gemachtigde kan alleen optreden met een geldige machtiging. Het ontbreken daarvan maakt het beroep niet-ontvankelijk. De kantonrechter wees het beroep af en wees proceskosten toe aan de officier van justitie.
De uitspraak benadrukt dat een gemachtigde geen zelfstandig recht heeft om beroep in te stellen zonder geldige machtiging en dat het instellen van beroep door een gemachtigde zonder machtiging niet aanvaard wordt. Dit voorkomt misbruik van procedures en onwenselijke proceskostenvergoedingen.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een geldige machtiging.