De zaak betreft een geschil tussen een zorgaanbieder en zorgverzekeraar Univé over de vergoeding van geleverde zorg aan meerdere cliënten. De rechtbank bevestigt het tussenvonnis waarin is vastgesteld dat de gefactureerde zorg, met uitzondering van de zorg voor het in en uit bed gaan bij twee cliënten en zorg voor een vierde cliënt, onder de dekking van de verzekering valt.
Eiseres heeft aangepaste facturen ingediend waarbij de zorg voor het in en uit bed gaan is afgetrokken. Univé heeft deze berekeningen geaccepteerd, waarna de rechtbank het totaalbedrag van €135.247,68 toewijst, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 8 juni 2018. De gevorderde verklaring voor recht over vergoeding van zorg volgens zorgleefplannen wordt afgewezen wegens gebrek aan belang.
De vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten wordt niet toegewezen omdat eiseres haar stelplicht niet heeft voldaan. Univé wordt veroordeeld in de proceskosten, die aan de zijde van eiseres worden begroot op €10.306,83. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.