ECLI:NL:RBGEL:2021:4413
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen schorsing rijbewijs na positieve blaastest beginnend bestuurder
Verzoeker, een beginnend bestuurder, werd op 18 april 2021 aangehouden na een positieve blaastest met 570 µg/l alcohol op een brom-/snorfiets. Het CBR legde een onderzoek op en schorste zijn rijbewijs. Verzoeker maakte bezwaar en verzocht om een voorlopige voorziening omdat hij zijn rijbewijs voor zijn werk in de autobranche nodig heeft.
De voorzieningenrechter overweegt dat de wettelijke bepalingen het CBR verplichten het rijbewijs te schorsen en een onderzoek op te leggen, zonder ruimte voor belangenafweging. Echter, gezien het bijzondere samenstel van omstandigheden, waaronder de exacte grenswaarde van 570 µg/l, het feit dat verzoeker op een brommer reed en bijna geen marge meer had als beginnend bestuurder, acht de rechter een heroverweging mogelijk.
Verder speelt mee dat verzoeker niet eerder is aangehouden, zijn rijbewijs al eerder terugkreeg na een eerdere invordering, en dat hij zijn baan dreigt te verliezen zonder rijbewijs. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen en de schorsing van het rijbewijs geschorst tot uiterlijk 1 februari 2021 of eerder bij een besluit na het onderzoek.
De uitspraak geldt voorlopig en vervalt als er geen beroep wordt ingesteld na de beslissing op bezwaar. Het CBR moet het griffierecht van verzoeker vergoeden.
Uitkomst: De voorlopige schorsing van het rijbewijs wordt geschorst tot uiterlijk 1 februari 2021 of eerder bij besluit na onderzoek.