De zaak betreft een consumentenkredietovereenkomst gesloten op 13 juli 2017 tussen eiser, een naamloze vennootschap gevestigd in Curaçao, en gedaagde, woonachtig in Nederland. De overeenkomst betreft een krediet van $5.000 met algemene voorwaarden waarin het Curaçaose recht en een forumkeuzebeding voor de rechter in Curaçao zijn opgenomen.
De kern van het geschil is de vordering van eiser tot betaling van een openstaand bedrag van ANG 10.745,20 vermeerderd met contractuele rente en buitengerechtelijke incassokosten. Gedaagde betwist de toepasselijkheid van het Curaçaose recht en de algemene voorwaarden, en stelt dat hij niet verantwoordelijk is voor de betalingen met de creditcard.
De rechtbank stelt vast dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft omdat gedaagde in Nederland woont en de forumkeuze in de algemene voorwaarden een mogelijkheid biedt voor de Nederlandse rechter als bevoegde rechter. Het toepasselijk recht is het Curaçaose recht, conform de rechtskeuze in de algemene voorwaarden en de Rome I-verordening.
De inhoudelijke beoordeling leidt tot toewijzing van de hoofdsom en de contractuele rente van 18% per jaar, die niet strijdig is met de openbare orde of goede zeden. Buitengerechtelijke incassokosten worden gematigd toegewezen tot ANG 1.500,00. De proceskosten worden toegewezen aan eiser, met uitzondering van een extra salaris voor gemachtigde.
De kantonrechter veroordeelt gedaagde tot betaling van ANG 15.436,71 plus rente en proceskosten, en verklaart de veroordeling uitvoerbaar bij voorraad.