Uitspraak
wonende te [woonplaats],
wonende te [woonplaats],
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
2 mei 2014.
Hoge Raad
In deze zaak verzocht de man de Nederlandse rechter om de kinderalimentatie die hij aan zijn minderjarige kind op Curaçao betaalt, te wijzigen. De minderjarige en de moeder wonen op Curaçao, terwijl de man in Nederland woont. De rechtbank en het hof hadden geoordeeld dat de Nederlandse rechter bevoegd was om het verzoek te behandelen, waarbij zij aansluiting zochten bij bepalingen van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) en de relatieve bevoegdheid van de rechter in Nederland.
De Hoge Raad stelt vast dat er geen specifieke rijkswet bestaat die de bevoegdheid van de rechter in privaatrechtelijke interregionale zaken binnen het Koninkrijk regelt. Daarom moet aansluiting worden gezocht bij het internationaal privaatrecht en de toepasselijke EU-verordeningen. De Alimentatieverordening (EG) nr. 4/2009 is van toepassing op onderhoudsverplichtingen en bevat bevoegdheidsregels die ook in interregionale zaken overeenkomstig moeten worden toegepast.
Volgens art. 8 lid 1 van Pro de Alimentatieverordening kan de onderhoudsplichtige niet in een andere lidstaat een procedure starten om een bestaande onderhoudsbeslissing te wijzigen zolang de onderhoudsgerechtigde zijn gewone verblijfplaats behoudt in de staat waar de beslissing is gegeven. Dit uitgangspunt geldt ook in interregionale zaken binnen het Koninkrijk. De Nederlandse rechter is daarom niet bevoegd om kennis te nemen van het verzoek van de man, aangezien de moeder en het kind hun gewone verblijfplaats op Curaçao behouden.
De Hoge Raad vernietigt de beslissingen van de rechtbank en het hof en bepaalt dat de Nederlandse rechter geen rechtsmacht heeft om het verzoek van de man te behandelen. Dit oordeel sluit aan bij eerdere jurisprudentie en de strekking van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden.
Uitkomst: De Hoge Raad bepaalt dat de Nederlandse rechter niet bevoegd is om kennis te nemen van het verzoek tot wijziging van kinderalimentatie, omdat de onderhoudsgerechtigde zijn gewone verblijfplaats behoudt in het Caraïbische deel van het Koninkrijk.