De rechtbank Gelderland heeft op 27 september 2021 de echtscheiding uitgesproken tussen partijen die gehuwd waren sinds hun huwelijksdatum. Uit het huwelijk is een minderjarig kind geboren, waarvoor partijen gezamenlijk het gezag dragen.
De kern van het geschil betrof de hoogte van de kinderalimentatie. De vrouw verzocht een bijdrage van €250 per maand, terwijl de man stelde onvoldoende draagkracht te hebben. De rechtbank baseerde zich op het Rapport Alimentatienormen en hanteerde de forfaitaire methode voor woonlasten, ondanks dat de werkelijke woonlast van de man hoger was.
De rechtbank oordeelde dat de man niet voldoende had onderbouwd dat afwijking van het forfait noodzakelijk was en dat de forfaitaire methode rust en financiële zekerheid biedt. Rekening werd gehouden met aflossingen van schulden, wat de draagkracht van de man beïnvloedde. De rechtbank bepaalde een aanvankelijke bijdrage van €81 per maand, oplopend tot €250 na aflossing van een schuld aan de Belastingdienst.
De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het verzoek tot andere voorzieningen werd afgewezen.