ECLI:NL:RBGEL:2022:1414
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot toewijzing woning na ontruiming en opschorting huurovereenkomst
Op 17 december 2021 heeft de kantonrechter een ontruimingsvonnis uitgesproken waarbij de huurder zijn woning binnen 14 dagen moest verlaten. Na executie van dit vonnis startte de huurder een kort geding om de ontruiming te voorkomen, maar dit werd afgewezen. De huurder stelde dat de huurovereenkomst nog steeds van kracht is en dat de verhuurder verplicht is een passende woning te bieden.
De verhuurder heeft echter haar verplichtingen uit de huurovereenkomst rechtsgeldig opgeschort, zoals besloten in het ontruimingsvonnis. Opschorting is tijdelijk en leidt niet tot ontbinding van de huurovereenkomst. De verhuurder moet de overeenkomst binnen een redelijke termijn ontbinden om definitief van haar verplichtingen bevrijd te zijn.
De kantonrechter oordeelt dat deze redelijke termijn nog niet is verstreken, mede omdat de huurder hoger beroep heeft ingesteld tegen het ontruimingsvonnis. De opschorting blijft daarom rechtsgeldig en de verhuurder is niet verplicht een nieuwe woning ter beschikking te stellen. De vordering van de huurder wordt afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot toewijzing van een woning wordt afgewezen vanwege rechtsgeldige opschorting van de huurovereenkomst.