ECLI:NL:RBGEL:2023:2565
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen omzettingsvergunning kamerverhuur arbeidsmigranten
Verzoekster, eigenaresse en bewoonster van een woonhuis naast het pand van vergunninghouder, verzocht om een voorlopige voorziening tegen het verlenen van een omzettingsvergunning voor kamerverhuur aan arbeidsmigranten. Het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn had de vergunning verleend voor een maximale duur van vijf jaar, later teruggebracht tot twee jaar en het aantal kamers verminderd tot vier.
De voorzieningenrechter erkent het spoedeisend belang van verzoekster vanwege overlastklachten, waaronder stank- en geluidsoverlast, maar oordeelt dat de omzettingsvergunning zelf niet leidt tot een ontoelaatbare inbreuk op het woon- en leefmilieu. De overlast wordt toegeschreven aan het specifieke type bewoners, die arbeidsmigranten zijn met een intensief werkschema.
De rechter stelt dat een schorsing van de vergunning op korte termijn geen effect heeft omdat de huurders niet direct zullen vertrekken. Daarnaast is er vertrouwen dat het college en vergunninghouder passende maatregelen zullen treffen, mede doordat de vergunning slechts voor twee jaar is verleend. Ook is intrekking van de vergunning tussentijds mogelijk bij ontoelaatbare overlast.
De voorzieningenrechter benadrukt het belang van communicatie tussen alle betrokken partijen om escalatie te voorkomen en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omzettingsvergunning wordt afgewezen.