Uitspraak
Stichting Woonstichting De Kernen
1.[gedaagde sub 1]
2. [gedaagde sub 2]
3. [gedaagde sub 3]
1.De procedure
2.De feiten
a) alle ruimten binnen de buitenmuren
i) balkon
Rechtbank Gelderland
Stichting Woonstichting De Kernen heeft een appartementencomplex met een warmtekoudeopslaginstallatie (WKO) waarvan de energielevering wordt verzorgd door haar dochteronderneming Rivierengebied Energie B.V. De huurders ontvingen eindafrekeningen over 2019 en 2020, waartegen zij bezwaar maakten bij de huurcommissie en vervolgens bij de kantonrechter.
De Kernen vorderde primair dat de huurcommissie onbevoegd was om uitspraak te doen over de energiekosten en subsidiair vaststelling van de betalingsverplichtingen. De kantonrechter oordeelde dat de huurcommissie niet kan worden beoordeeld op haar bevoegdheid vanwege de zelfstandigheid van de procedure bij de kantonrechter.
Belangrijk is dat de Warmtewet sinds 2019 niet meer van toepassing is op leveranciers die tevens verhuurder zijn. De dochteronderneming van De Kernen levert de warmte, niet De Kernen zelf. De kantonrechter oordeelt dat er geen grond is om de dochter te vereenzelvigen met de verhuurder en dat de huurders de energiekosten niet via de procedure met De Kernen kunnen aanvechten.
De kantonrechter verklaart voor recht dat De Kernen niet de contractspartij is voor de energiekosten en compenseert de proceskosten, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De kantonrechter verklaart voor recht dat De Kernen niet de contractspartij is voor de energiekosten en compenseert de proceskosten.