Uitspraak
[E]uit [plaats F] (de vergunninghouder)
Rechtbank Gelderland
De rechtbank Gelderland heeft op 24 juli 2023 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eisers beroep instelden tegen de natuurvergunning die het college van Gedeputeerde Staten van Gelderland op 17 december 2020 aan een vergunninghouder voor een melkveehouderij had verleend. De vergunning betrof renovatie en uitbreiding van een ligboxenstal met emissiearme vloer.
Eisers voerden aan dat het college ten onrechte intern had gesaldeerd en dat de emissiereductie van het stalsysteem onzeker was, waardoor een passende beoordeling noodzakelijk was. De rechtbank oordeelde dat het beroep gegrond is omdat het besluit in strijd is met de artikelen 2.7 en 2.8 van de Wet natuurbescherming. De vergunning wordt vernietigd, mede omdat de vergunninghouder geen belang meer heeft bij een nieuw besluit vanwege gewijzigde bedrijfsvoering.
Daarnaast werd een verzoek om schadevergoeding toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn van twee jaar voor de behandeling van het beroep. Eisers ontvangen een vergoeding van € 1.000,-. Ook worden griffierecht en proceskosten aan eisers vergoed. De rechtbank wijst overige beroepsgronden af en geeft geen opdracht tot nieuw besluit vanwege de onzekerheid en belangen van partijen.
Uitkomst: De natuurvergunning wordt vernietigd en eisers krijgen een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.