Uitspraak
Datum uitspraak: 20 januari 2021
BESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter
Raad van State
In deze zaak gaat het om het verzoek van BMF en Natuurmonumenten om de natuurvergunning voor de varkenshouderij van De Logt in Oirschot in te trekken. De vergunning werd in 2013 verleend voor een bedrijf nabij het Natura 2000-gebied Kampina & Oisterwijkse Vennen. Het college wees het verzoek af, waarna de rechtbank dit besluit vernietigde wegens onvoldoende motivering over passende maatregelen.
De kernvraag was onder welke omstandigheden een natuurvergunning kan worden ingetrokken op grond van artikel 5.4 van de Wet natuurbescherming en artikel 6 van Pro de Habitatrichtlijn. De Afdeling bevestigt dat intrekking verplicht is als sprake is van dreigende verslechtering van natuurwaarden en geen andere passende maatregelen voldoende zijn. Het college moet inzichtelijk maken welke maatregelen worden getroffen en wanneer deze effectief zijn.
De Afdeling oordeelt dat de vergunning destijds terecht is verleend op basis van intern salderen en dat de gewijzigde vergunningplicht per 1 januari 2020 betekent dat projecten zonder toename van stikstofdepositie niet langer vergunningplichtig zijn. Hierdoor kan intrekking van deze verslechteringsvergunning niet als passende maatregel worden ingezet. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven daarom in stand en de procedure is hiermee afgerond.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven in stand en het verzoek tot intrekking van de natuurvergunning wordt afgewezen.