ECLI:NL:RBGEL:2024:2411
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omgevingsvergunning kleine windturbine binnen bestemmingsplan en parapluplan
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen de van rechtswege verleende omgevingsvergunning voor het plaatsen van een kleine windturbine met een ashoogte van 30 meter op een perceel nabij zijn woning. De vergunning is verleend door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede en gehandhaafd in de beslissing op bezwaar.
De rechtbank heeft het beroep inhoudelijk behandeld en beoordeeld of het college terecht is afgeweken van het bestemmingsplan “Agrarisch Buitengebied Ede 2012” en het paraplubestemmingsplan “Parapluplan Buitengebied Ede 2020”. De kernvraag was of de vergunning in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening en of voldaan is aan de voorwaarden voor afwijking, waaronder de maximale bouwhoogte en landschappelijke inpassing.
De rechtbank concludeert dat het college de juiste beleidsruimte heeft benut en dat de vergunning niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. De bouwhoogte is gemeten conform het bestemmingsplan vanaf het peil tot aan de wiekenas en bedraagt 30 meter, wat binnen de parapluplannorm valt. De landschappelijke inpassing is zorgvuldig en passend bij het landschapstype, ondersteund door een inpassingsplan met aanplant van knotbomen en struweel.
De door eiser aangevoerde bezwaren over onvoldoende beoordeling van externe veiligheid, slagschaduw en geluid zijn ongegrond, mede omdat de relevante rapportages niet zijn bestreden. Ook het betoog dat een andere voorbereidingsprocedure had moeten worden gevolgd, wordt verworpen. Het beroep wordt ongegrond verklaard, en eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor de kleine windturbine wordt ongegrond verklaard.