Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.De procedure
2.De feiten
Hij bereikt op 20-4-2018 het einde van de wachttijd.
Rechtbank Gelderland
Eiser was sinds maart 2016 arbeidsongeschikt wegens medische klachten en ontving een WIA-uitkering. Hij trad in september 2019 in dienst bij een nieuwe werkgever en werd toen opgenomen in een aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering bij Achmea. Achmea wees de uitkering af omdat eiser bij het sluiten van de verzekering al arbeidsongeschikt was volgens de polisvoorwaarden.
De rechtbank stelt vast dat de polisvoorwaarden aansluiten bij de Wet WIA en dat eiser op het moment van het sluiten van de verzekering al een arbeidsongeschiktheidspercentage had van circa 85%, vastgesteld door het UWV. Eiser was dus niet arbeidsgeschikt en kon daarom niet automatisch worden geaccepteerd als verzekerde. Achmea mocht de verzekering weigeren omdat zij niet was geïnformeerd over de gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank oordeelt dat eiser geen verzekerde is in de zin van de polisvoorwaarden en dus geen recht heeft op een uitkering. Ook een toezegging van Achmea kan hem niet binden omdat die was gebaseerd op een onjuiste aanname. De vordering wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot toekenning van een aanvullende arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt afgewezen omdat eiser bij aanvang van de verzekering al arbeidsongeschikt was en geen verzekerde is.