ECLI:NL:RBGEL:2024:604
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Navordering inkomstenbelasting 2019 afgewezen wegens bewuste werkwijze Belastingdienst
Belanghebbende en zijn fiscaal partner ontvingen definitieve aanslagen inkomstenbelasting 2019. Tegen deze aanslagen werd bezwaar gemaakt dat via een collectieve massaalbezwaarprocedure werd behandeld. Naar aanleiding van de collectieve uitspraak werden de aanslagen verminderd en navorderingsaanslagen opgelegd om uitbetaalde heffingskortingen terug te vorderen.
De inspecteur legde een navorderingsaanslag op aan belanghebbende, inclusief belastingrente. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze navordering. De rechtbank oordeelt dat de inspecteur bij het automatisch afwikkelen van de verminderingen in bulk bewust heeft gekozen voor een werkwijze waarbij niet is gekeken naar de belastingpositie van de partner, waardoor onjuiste uitbetaling van heffingskorting is ontstaan.
Deze bewuste keuze leidt tot een verwijtbaar onjuist inzicht in de feiten door de inspecteur, wat een ambtelijk verzuim oplevert en navordering volgens artikel 16 AWR Pro in de weg staat. De navorderingsaanslag wordt daarom vernietigd en het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard. De inspecteur moet het griffierecht vergoeden.
Uitkomst: De navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2019 wordt vernietigd wegens een bewuste keuze van de Belastingdienst die navordering in de weg staat.