Uitspraak
H.O.D.N. [bedrijf 1] ,
1.De procedure
2.De verdere beoordeling
[naam 1]heeft onder meer verklaard:
[naam 2]heeft onder meer verklaard:
[naam 3]heeft onder meer verklaard:
[naam 4]heeft onder meer verklaard:
Rechtbank Gelderland
In deze civiele zaak vordert Auto Rima B.V. betaling voor autoreparatiewerkzaamheden, stellende dat gedaagde de opdracht daartoe heeft gegeven. De rechtbank heeft bewijslevering toegelaten en getuigen gehoord, waaronder medewerkers van Auto Rima en een getuige van de gedaagde.
De verklaringen van de getuigen tonen tegenstrijdigheden en onzekerheden over wie de opdracht daadwerkelijk heeft verstrekt. Medewerkers van Auto Rima konden niet met zekerheid aangeven dat zij contact hadden met de gedaagde, terwijl de gedaagde volhoudt dat een derde, niet hijzelf, de opdracht gaf. Ook is onduidelijk van welk adres de auto is opgehaald en door wie de sleutels zijn verstrekt.
De rechtbank concludeert dat Auto Rima het bewijs niet heeft geleverd dat de gedaagde de opdracht tot reparatie heeft gegeven. Daarom worden de vorderingen afgewezen. In reconventie wordt verklaard dat er geen overeenkomst bestaat tussen partijen. De proceskosten worden verdeeld, waarbij Auto Rima de kosten in conventie draagt en partijen in reconventie ieder hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Auto Rima af en verklaart dat er geen overeenkomst bestaat tussen partijen.