ECLI:NL:RBGEL:2024:6149
Rechtbank Gelderland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na einduitspraak in bestuursrechtelijke zaak
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter in een bestuursrechtelijke zaak over de belastingdienst. Hij stelde dat de rechter tijdens een zitting opmerkingen maakte die een schijn van partijdigheid wekten. De wrakingskamer beoordeelde het verzoek schriftelijk zonder zitting.
De wrakingskamer overwoog dat een wrakingsverzoek alleen ontvankelijk is indien het wordt ingediend voordat de rechter einduitspraak heeft gedaan. In deze zaak was de einduitspraak op 31 juli 2024, terwijl het wrakingsverzoek pas op 3 augustus 2024 werd ingediend. Dit maakt het verzoek niet-ontvankelijk.
De kamer benadrukte dat het feit dat verzoeker mogelijk nog niet over de einduitspraak beschikte vanwege verzendtermijnen in de Awb hieraan niets verandert. Omdat na de einduitspraak geen proceshandelingen meer plaatsvinden, kan wraking niet meer worden toegewezen.
Het verzoek werd daarom zonder mondelinge behandeling afgewezen en de beslissing is in het openbaar uitgesproken. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard omdat het na de einduitspraak is ingediend.