ECLI:NL:RBGEL:2024:9393
Rechtbank Gelderland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens vermeende werkweigering onrechtmatig verklaard
Werkneemster werd op 23 mei 2024 op staande voet ontslagen door werkgeefster wegens vermeende werkweigering en een verstoorde arbeidsrelatie. Werkneemster was sinds maart 2024 ziek gemeld en ontkende werkweigering. De kantonrechter oordeelde dat werkgeefster ten onrechte zelf oordeelde over arbeidsongeschiktheid zonder bedrijfsarts te raadplegen.
De kantonrechter stelde vast dat de vermeende werkweigering niet bewezen was en dat de verstoorde arbeidsrelatie geen dringende reden vormt voor ontslag op staande voet. Werkgeefster had geen redelijke grond om het dienstverband onverwijld te beëindigen.
Daarom werd het ontslag op staande voet onregelmatig verklaard. Werkgeefster werd veroordeeld tot betaling van een vergoeding wegens onregelmatige opzegging, transitievergoeding, billijke vergoeding, uitbetaling van niet-genoten vakantiedagen en buitengerechtelijke incassokosten. Tevens moet zij een bruto-netto specificatie verstrekken en de proceskosten dragen.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is onregelmatig gegeven en werkgeefster is veroordeeld tot betaling van diverse vergoedingen en kosten aan werkneemster.