ECLI:NL:RBGEL:2025:1486
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen intrekking bijstand wegens schending medewerkingsplicht
Verzoekster ontvangt sinds 1 maart 2019 bijstand op grond van de Participatiewet. Het college heeft het recht op bijstand opgeschort en uiteindelijk ingetrokken omdat verzoekster niet voldeed aan haar medewerkingsplicht. Zij verscheen niet op afspraken, leverde onvolledige bankafschriften aan en weigerde een gesprek met twee medewerkers van het college.
De voorzieningenrechter beoordeelde dat verzoekster een spoedeisend belang had, maar dat het college terecht het vermoeden had dat zij onjuiste informatie had verstrekt of verzwegen. De bankafschriften met gedeeltelijk zwartgelakte gegevens waren volgens de rechter voldoende voor medewerking, maar het weigeren van een gesprek met twee medewerkers was onredelijk en schending van de medewerkingsplicht.
Daarom kon het college de bijstand intrekken. Het bezwaar van verzoekster had geen redelijke kans van slagen en het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de intrekking van de bijstand wordt afgewezen vanwege schending van de medewerkingsplicht.