Eiseres, een vereniging gericht op natuur- en milieubehoud, heeft beroep ingesteld tegen de omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Epe heeft verleend aan een varkenshouderij voor het bouwen van een nieuwe kraamopfokstal en het wijzigen van milieuactiviteiten. De vergunning is aangevraagd door derde-partij, eigenaar van het varkensvermeerderingsbedrijf.
De rechtbank heeft het beroep behandeld op 13 februari 2025 en beoordeelt met name de aanhaakplicht voor een natuurvergunning, de inwerkingtreding van de omgevingsvergunning en de milieu-activiteit. Eiseres betoogt dat de vergunning niet mag worden verleend voordat een natuurvergunning is afgegeven en dat een integrale beoordeling van stikstofeffecten ontbreekt.
De rechtbank oordeelt dat vanwege een aparte natuurvergunningaanvraag bij het college van gedeputeerde staten geen aanhaakplicht geldt en dat de natuuraspecten door de provincie worden beoordeeld. De omgevingsvergunning treedt in werking na afloop van de beroepstermijn en derde-partij mag de vergunning gebruiken. De milieubeoordeling is correct uitgevoerd en de beroepsgronden falen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.