ECLI:NL:RBGEL:2025:2314
Rechtbank Gelderland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst wegens handel in hennep in berging
Tussen eiser en gedaagde bestond een huurovereenkomst voor een woning met berging. In juni 2024 trof de politie 5885 gram hennep en aanverwante spullen aan in de berging naast de woning. Eiser vorderde ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming wegens overtreding van de Opiumwet en contractuele verplichtingen.
Gedaagde voerde verweer dat de hennep niet van hem was en dat een kennis de berging gebruikte voor opslag zonder dat hij wist van de drugs. De rechtbank achtte dit ongeloofwaardig en stelde vast dat gedaagde tekort was geschoten in zijn verplichtingen als huurder, mede op grond van artikel 7:219 BW Pro.
De belangenafweging leidde tot het oordeel dat het belang van eiser bij handhaving van het zero-tolerance beleid en het woonklimaat zwaarder woog dan het persoonlijke belang van gedaagde bij behoud van de woning. De huurovereenkomst werd ontbonden en ontruiming binnen veertien dagen bevolen. Gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en ontruiming binnen veertien dagen bevolen wegens handel in hennep in de berging.