ECLI:NL:RBGEL:2025:2373
Rechtbank Gelderland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting bedrijfspand wegens ontbreken vergunning
Verzoekers hebben een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit van de burgemeester om een bedrijfspand voor onbepaalde tijd te sluiten vanwege het verrichten van bedrijfsmatige activiteiten zonder de vereiste vergunning. De burgemeester had het pand op 9 januari 2025 gesloten nadat het college van burgemeester en wethouders het pand als vergunningplichtig had aangewezen in juli 2022.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de burgemeester bevoegd is tot sluiting op grond van de Algemene plaatselijke verordening (Apv) en dat de sluiting evenredig is. Verzoekers voerden aan dat zij als eigenaren geen vergunning nodig zouden hebben en dat er zicht is op legalisatie omdat een vergunningaanvraag is ingediend. De rechter stelt dat de vergunningplicht niet beperkt is tot huurders en dat de incomplete aanvraag geen concreet zicht op legalisatie biedt.
De voorzieningenrechter benadrukt het belang van handhaving om de leefbaarheid en openbare orde te beschermen, vooral gezien de branche waarin het bedrijf actief is. De schade die verzoekers lijden weegt niet op tegen het algemeen belang. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen. Tevens is het verzoek namens een van de verzoekers niet-ontvankelijk omdat geen bezwaar was gemaakt.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van het bedrijfspand wordt afgewezen.