ECLI:NL:RBGEL:2025:6590
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen verlening omgevingsvergunning voor dakterras
Deze bestuursrechtelijke zaak betreft het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen om een omgevingsvergunning te verlenen voor de realisatie van een dakterras op een locatie in Nijmegen. Eiseres betoogt dat het dakterras in strijd is met artikel 5:50 van Pro het Burgerlijk Wetboek, omdat het direct op de erfgrens is gesitueerd, en voert aan dat het verkrijgen van gelijk via de burgerlijke rechter extra kosten en nadelige gevolgen met zich meebrengt.
De rechtbank oordeelt dat de aanvraag voor de omgevingsvergunning vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet is ingediend, waardoor het recht zoals dat gold vóór 1 januari 2024 van toepassing blijft. De toetsing aan de omgevingsvergunning vindt plaats op grond van artikel 2.10 van de Wabo, waarbij het college gebonden is aan de weigeringsgronden. Omdat het bouwplan niet in strijd is met deze weigeringsgronden, is het college verplicht de vergunning te verlenen.
De rechtbank benadrukt dat privaatrechtelijke belemmeringen, zoals het burenrecht waarop eiseres zich beroept, geen grond vormen voor weigering van de vergunning door het bestuursorgaan. Hoewel het inschakelen van de burgerlijke rechter extra kosten met zich meebrengt, is de bestuursrechter niet bevoegd hierover te oordelen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter Steinebach-de Wit en griffier Van Oosterhout op 8 augustus 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlening van de omgevingsvergunning voor het dakterras wordt ongegrond verklaard.