ECLI:NL:RBGEL:2025:9774
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling juistheid vaststelling mate van arbeidsongeschiktheid door UWV
Eiseres betwist de door het UWV vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid op grond van de Wet WIA. Na een val met de fiets in 2019 is zij ziekgemeld en heeft het UWV haar een loongerelateerde uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheid van 42,20%, later verhoogd naar 45,25% na bezwaar.
De rechtbank beoordeelt het medisch onderzoek, waaronder rapportages van verzekeringsartsen en de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML), en concludeert dat het onderzoek zorgvuldig is verricht. Eiseres stelde dat de verzekeringsarts onvoldoende objectief was en dat bepaalde medische informatie niet werd meegewogen, maar de rechtbank vindt dat alle klachten en medische gegevens adequaat zijn betrokken.
Eiseres voert aan dat zij meer beperkt is dan vastgesteld, met name vanwege concentratieproblemen en cognitieve stoornissen, maar de rechtbank stelt vast dat er geen overtuigend medisch bewijs is voor extra beperkingen. De arbeidsdeskundige rapportages bevestigen dat eiseres geschikt is voor diverse functies binnen haar belastbaarheid.
De rechtbank concludeert dat het UWV de mate van arbeidsongeschiktheid juist heeft vastgesteld en verklaart het beroep ongegrond. Eiseres krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid door het UWV wordt ongegrond verklaard.