Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.[naam eiser 1] ,
2.
[naam eiser 2],
1.De procedure
2.De feiten
B. AANDELEN DIE DOOR DE SPLITSING ONTSTAAN, EN AANDELEN IN DE VERPLICHTING TOT HET BIJDRAGEN IN DE GEZAMENLIJKE SCHULDEN EN KOSTEN
3.Het geschil
4.De beoordeling
de verschuldigde kosten wegens energiegebruik en voorzieningen (gas, water en electra), tenzij deze kosten aan de afzonderlijke eigenaren in rekening worden gebracht;”. VvE Boeschoten stelt dat de (vastrecht)kosten nutsvoorzieningen onder het bereik van de uitzondering in artikel 3 sub Pro i (vanaf het woord “tenzij”) van het splitsingsreglement vallen. De in artikel 2 van Pro het splitsingsreglement bepaalde verdeelsleutel is daarom niet van toepassing, aldus VvE Boeschoten. [de eisers] betwisten dat voornoemde kosten onder de uitzondering in artikel 3 sub Pro i (vanaf het woord “tenzij”) vallen. Volgens hen ziet deze bepaling op kosten die (door derden) op basis van verbruik aan de individuele eigenaren worden doorberekend. Aangezien partijen van mening verschillen over de uitleg van artikel 3 sub Pro i, moet de rechtbank deze bepaling uitleggen. Bij de uitleg van een bepaling uit een splitsingsakte en het reglement komt het aan op de daarin tot uitdrukking gebrachte bedoeling van degene die tot splitsing is overgegaan. Deze omschrijving moet naar objectieve maatstaven worden afgeleid uit de omschrijving in die akte en dat reglement, mede bezien in het licht van de gehele inhoud daarvan. De rechtszekerheid vergt dat bij die uitleg in beginsel slechts acht mag worden geslagen op de gegevens die voor derden uit of aan de hand van de in de openbare registers ingeschreven splitsingsstukken kenbaar zijn. (zie HR 28 januari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO5223, HR 1 november 2013, ECLI:NL:HR:2013:1078).