ECLI:NL:RBGEL:2026:2726
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor vliegticket naar Zuid-Afrika op grond van territorialiteitsbeginsel
Eiser heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van een retourvliegticket van Nederland naar Zuid-Afrika, welke door het college van burgemeester en wethouders van Rheden is afgewezen op grond van het territorialiteitsbeginsel uit artikel 11 van Pro de Participatiewet (Pw).
De rechtbank oordeelt dat het college terecht heeft afgewezen omdat bijstand alleen kan worden verstrekt voor kosten die een directe binding met Nederland hebben. De kosten van het vliegticket zijn buiten Nederland gemaakt en niet aan Nederland verbonden, ook al maakt de reis deel uit van een in Nederland gestart behandelingstraject. Het voortzetten van algemene bijstand tijdens het verblijf in het buitenland leidt niet tot recht op bijzondere bijstand.
Eiser voerde aan dat er zeer dringende redenen waren vanwege zijn verslavingsproblematiek en wachttijd bij een zorginstelling, maar de rechtbank vond onvoldoende bewijs voor een acute noodsituatie die bijstand zou rechtvaardigen. Ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel faalde omdat artikel 11 Pw Pro een dwingend karakter heeft en de rechter hier niet aan kan toetsen.
Ten slotte werd het beroep op proceskostenvergoeding afgewezen omdat het bezwaar niet op een andere uitkomst leidde. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de aanvraag bijzondere bijstand.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand voor het vliegticket naar Zuid-Afrika vanwege het territorialiteitsbeginsel en het ontbreken van zeer dringende redenen.