Uitspraak
RECHTBANK Gelderland
1.De zaak in het kort
2.De procedure
3.De verdere beoordeling
€ 0,00
(17.615 m²)
Rechtbank Gelderland
De Staat der Nederlanden heeft een deel van een perceel onteigend voor de aanleg van een nieuwe weg in het ViA15-project. De rechtbank stelt de schadeloosstelling vast op basis van deskundigenrapporten, waarbij de waarde van het onteigende, de waardevermindering van het overblijvende en bijkomende schade worden meegenomen.
De waarde van het onteigende perceel is vastgesteld op €96.636,00, de waardevermindering van het overblijvende op €28.781,00 en bijkomende schade op €35.500,00. De rechtbank wijst ook rente toe over het verschil tussen voorschot en vastgestelde schadeloosstelling. Vergoeding voor immateriële schade wegens de lange duur van de procedure wordt afgewezen.
Daarnaast worden de kosten van juridische en deskundige bijstand, inclusief griffierecht en kosten van door de rechtbank benoemde deskundigen, aan de Staat opgelegd. De Staat wordt veroordeeld tot betaling van het resterende bedrag en de bijkomende kosten. Tot slot wordt een nieuwsblad aangewezen voor publicatie van het vonnis.
Uitkomst: Schadeloosstelling vastgesteld op €160.917,00 plus rente en kosten, immateriële schadevergoeding afgewezen.