ECLI:NL:RBGRO:2000:AA6381
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigheid herziening huursubsidie wegens overschrijding vijfjaars termijn en onvoldoende bewijs verzending besluiten
Eiseres ontving in 1991 een huursubsidie voor de periode 1 juli 1991 tot en met 30 juni 1992. In juni 1997 stelde de Staatssecretaris de subsidie herzien en legde een boete op, maar dit gebeurde na het verstrijken van de wettelijke vijfjaars termijn die geldt voor herziening van huursubsidie.
De kern van het geschil betrof de vraag of de besluiten van 27 en 30 juni 1997 tijdig waren verzonden en in werking getreden. De Staatssecretaris kon dit niet voldoende aannemelijk maken omdat de besluiten niet aangetekend waren verzonden en geen bewijs van verzending kon worden geleverd uit het geautomatiseerde systeem.
De rechtbank oordeelde dat de termijn van vijf jaren uit art. 22 WIH Pro rechtszekerheid biedt en dat het op de weg van de Staatssecretaris ligt om tijdige verzending aan te tonen. Bij gebrek aan voldoende bewijs werd aangenomen dat de besluiten niet binnen de termijn waren verzonden, waardoor de herziening en boetebesluiten niet rechtsgeldig waren.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit van 12 februari 1999, herroept de besluiten van juni 1997 en veroordeelde de Staat tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. De vraag of er sprake was van duurzame samenwoning werd niet meer behandeld omdat het besluit op andere gronden werd vernietigd.
Uitkomst: De herziening en boetebesluiten worden vernietigd wegens overschrijding van de vijfjaars termijn en onvoldoende bewijs van tijdige verzending.