ECLI:NL:RBGRO:2006:AV0355
Rechtbank Groningen
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring bezwaarschrift minderjarige tegen DNA-profielbepaling en verwerking
De rechtbank Groningen behandelde het bezwaarschrift van een minderjarige veroordeelde tegen het bepalen en verwerken van haar DNA-profiel op grond van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden. De minderjarige was ten tijde van het misdrijf 16 jaar oud en had slechts een beperkte bijdrage geleverd aan het bewezen verklaarde feit van medeplegen van poging tot zware mishandeling. Zij had geen eerdere veroordelingen en vertoonde geen recidive.
De rechtbank heeft in haar beoordeling het belang van de minderjarige afgewogen tegen het algemeen maatschappelijk belang, met bijzondere aandacht voor de bepalingen uit artikel 8 EVRM Pro, artikel 40 IVRK Pro en artikel 3 IVRK Pro. De persoonlijke omstandigheden, de ernst van het feit en de leeftijd van de veroordeelde werden meegewogen. De rechtbank concludeerde dat het belang van de minderjarige zwaarder weegt dan het maatschappelijk belang bij de toepassing van de wet.
Daarom verklaarde de rechtbank het bezwaarschrift gegrond en beval de officier van justitie het afgenomen celmateriaal te vernietigen. Deze uitspraak benadrukt de noodzaak om bij minderjarigen zorgvuldig te toetsen of DNA-onderzoek proportioneel is, mede gelet op internationale kinderrechtenverdragen.
De beslissing werd genomen door de meervoudige raadkamer voor strafzaken van de rechtbank Groningen op 25 januari 2006, waarbij mr. J.G. Idsardi voorzitter was, samen met kinderrechters F. Sijens en J. Hielkema.
Uitkomst: Het bezwaarschrift van de minderjarige tegen het bepalen en verwerken van haar DNA-profiel wordt gegrond verklaard en het afgenomen celmateriaal wordt vernietigd.