ECLI:NL:RBGRO:2006:AY6882
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J.B. Holsink
- A.F. Gerding
- B.W.M. van der Lugt
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens dood door schuld en handel in harddrugs na toediening heroïne en cocaïne
Op 22 april 2006 heeft de verdachte zijn vriendin een injectie toegediend met een mix van heroïne en cocaïne, nadat zij reeds XTC en cocaïne had gebruikt. Zij raakte bewusteloos en bleef gedurende ruim dertien uur in deze toestand zonder dat verdachte medische hulp inschakelde. Gedurende deze periode liet hij haar meerdere malen alleen of bij haar minderjarige kinderen achter terwijl hij zelf drugs gebruikte en handelde.
De rechtbank acht bewezen dat verdachte roekeloos heeft gehandeld door het toedienen van de drugs en het nalaten van hulp, waardoor het slachtoffer is overleden aan een vergiftiging door de combinatie van verdovende middelen. Verdachte werd vrijgesproken van opzet op doodslag omdat hij niet bewust het risico op overlijden heeft aanvaard.
Daarnaast is verdachte veroordeeld voor het bezit, de handel en het verstrekken van heroïne, cocaïne en XTC. Bij de strafoplegging is rekening gehouden met zijn eerdere veroordelingen en het feit dat hij ondanks waarschuwingen terugkeerde in het drugsverslavingscircuit.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vier jaar en gelastte de tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijke straf van zes maanden. Verder werd een personenauto verbeurd verklaard en een geldbedrag in bewaring gesteld. De vordering van de benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf voor dood door schuld en handel in harddrugs.