ECLI:NL:RBGRO:2006:AZ5794
Rechtbank Groningen
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.J.A.M. Dijkers
- E.W. van Weringh
- M.M.A. Onnes-Wind
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatig lang verblijf van minderjarige in gesloten opvangkliniek zonder adequate behandeling
Een minderjarige met ernstige gedragsproblemen werd geplaatst in een gesloten crisisopvangkliniek (Het Poortje) in afwachting van een behandelplek in de Omegagroep van JJI Harreveld. Hoewel de plaatsing wettig was en de minderjarige baat had bij de structuur en later gedragstherapie ontving, duurde de wachttijd op behandeling zeveneneenhalve maand. Gedurende deze periode werd hem de reeds bekende en geëigende behandeling onthouden.
De rechtbank overwoog dat de initiële gesloten plaatsing noodzakelijk en gerechtvaardigd was ter bescherming van het belang van de minderjarige, maar dat deze inbreuk later haar rechtvaardiging verloor omdat de behandeling uitbleef. De Staat werd als eindverantwoordelijke aangemerkt voor de uitvoering van de machtiging tot uithuisplaatsing.
De rechtbank verwierp het argument van de Staat dat de rechtsgang bij de RSJ gevolgd had moeten worden en oordeelde dat de civiele rechter zich wel degelijk over de rechtmatigheid van de duur van de plaatsing kon uitspreken. De rechtbank stelde vast dat het verblijf van de minderjarige in Het Poortje vanaf 29 juli 2003 tot en met 16 maart 2004 onrechtmatig lang was.
De rechtbank kende immateriële schadevergoeding toe van EUR 3.500,- en een bedrag van EUR 750,- voor de kosten van een ingeschakelde psycholoog, maar wees de overige gevorderde kosten af. De Staat werd veroordeeld tot betaling van deze bedragen en de proceskosten.
Uitkomst: De Staat is veroordeeld tot betaling van immateriële schadevergoeding en kosten wegens onrechtmatig lang verblijf van de minderjarige in een gesloten opvangkliniek zonder adequate behandeling.